Zever
tekst: Robby & Ive - muziek: Davenport & Cooley

ik moet olle iet vertelle da lee al lank genoeg oep mijn maag
mijn vrouw draagt nooit sjartelle hoewel ik het heur dikwijls vraag
‘t is altijd zever , dikke zever elke keer dak d‘erover begin
zever, zé mor zeker, ze trekt een lip tot onder heur kin

der is nikske zo plezant dan een vrouw in zoiet te zien
pikante lingerie, een behake, sjartellen en ne string
Das gene zever, dikke zever over onderbroeken met kant
Zever, geitewolle sokke dat is ni interessant

Elke vent hee thuis wel is zever, over iet groot of klein
Mor waarom moet da bij mij na altijd dezelfste zever zijn

Ze draagt liever onderbroeken die van heur bomma zen gewest
van die grote witte doeken, zo‘n pampers das is toch een pest
veur mij is‘t zever, dikke zever, ne vent wilt soems wel iet meer
Zever, ‘t zal wer tegen m‘n gat zijn, dat is na elke keer

Ik kwam gisteren laat van m‘n waark en die van ons stond oep de allee
Mé splinternief sjartellen en in ne knalrooie neglisjee
Das gene zever, dikke zever, de zever liep uit mijne mond
Zever, veur iet te krijgen veur mijnen tikker ni zo gezond

Ik zei tegen mijn vrouwke toen dak ze daar zo zag staan,
godde gij oem dees uur nog zwemmen, want get a bandjes al onderaan
En ‘t was wer zever
dikke zever , daar kwamme kik ni meer onderuit
Zever, zé mor zeker

ze sloeg mijn tanden uit, ze sloeg mijn tanden uit
ze sloeg mijn tanden uit, ze sloeg mijn tanden uit